Tasigna

Would you like to read this information again? Use the following options:

Alles over Tasigna

Powered by: KNMP logo
  • Introductie

    De werkzame stof in Tasigna is nilotinib.

    Nilotinib is een tyrosinekinaseremmer. Dit is een doelgerichte kankerremmende stof ('targeted therapy').

    Artsen schrijven nilotinib voor bij bepaalde vormen van kanker.

  • Bijwerkingen

    Dit medicijn heeft een krachtige werking op de celdeling, vooral van kankercellen, maar ook van gezonde lichaamscellen. Hierdoor kunnen bijwerkingen ontstaan, bijvoorbeeld op plaatsen waar de cellen zich van nature snel delen. Dit zijn de slijmvliezen van mond, maag en darmen, de huid, de haren en het bloed.

    Door de lijst van bijwerkingen kan het lijken dat het middel erger is dan de kwaal. Maar de bijwerkingen komen lang niet bij iedereen in dezelfde mate voor. Bovendien gaan de bijwerkingen na stoppen met de behandeling geleidelijk over.

    De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

    Soms

    • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid en zelden ook braken, verstopping, diarree, winderigheid, buikpijn, zuurbranden, maagpijn en een verminderde eetlust. Hierdoor zelden gewichtsverlies. Deze bijwerkingen ontstaan door ontsteking van de slijmvliezen van slokdarm, maag en darmen. Om maagpijn en brandend maagzuur te bestrijden, kan de arts een maagbeschermend middel voorschrijven. Bij misselijkheid schrijft de arts een antibraakmiddel voor. Mogelijk helpt het om vaker te eten, maar dan kleine beetjes. Zorg dat u extra drinkt als u diarree heeft en moet overgeven. Zelden ernstige diarree. Neem contact op met uw arts als u behalve uw normale ontlastingpatroon viermaal of vaker per dag dunne ontlasting heeft of als u ook 's nachts diarree heeft. Soms is het nodig om uitdroging te voorkomen met medicijnen tegen diarree of met een vochtinfuus. Ook als u vaker dan één keer per dag moet braken, moet u de arts waarschuwen.
    • Huiduitslag (rode jeukende huid met bultjes). Raadpleeg uw arts of verpleegkundige als u hier last van heeft. Deze kan beoordelen of de uitslag ernstig is.
    • Hoofdpijn en spierpijn.
    • Vermoeidheid.

    Zelden

    • Duizeligheid of draaierig gevoel.
    • Doof of tintelend gevoel in de huid.
    • Gevoel van zwakte, slaperigheid of slapeloosheid, depressie, angst. Raadpleeg uw arts als u hier last van heeft.
    • Pijn in gewrichten of botten, spierkrampen, overmatig zweten en opvliegers, vooral 's nachts.
    • Haaruitval.
    • Droge jeukende huid.
    • Hoest, benauwdheid. Raadpleeg uw arts bij deze klachten.
    • Heesheid en tijdelijk stemverlies.
    • Hartkloppingen of een onregelmatige hartslag. Raadpleeg uw arts of verpleegkundige.
    • Verhoogde bloeddruk.
    • Verhoging van de concentratie cholesterol en vetten in het bloed. Als u al een te hoog cholesterol en/of vetgehalte in uw bloed heeft, zal uw arts u daar extra op controleren.
    • Bloedarmoede, een verhoogde kans op infecties en een verhoogde kans op bloedingen, zoals bloedneuzen. Deze bijwerkingen ontstaan doordat het lichaam minder rode en witte bloedcellen en minder bloedplaatjes aanmaakt. Neem bij de volgende verschijnselen contact op met uw arts: onverklaarbare koorts of keelpijn, blaasjes in de mond en keel, extreme vermoeidheid, bleke huid en bleke slijmvliezen, bloedneuzen, blauwe plekken, zwarte ontlasting en onderhuidse bloedingen. Door het tekort aan witte bloedcellen bent u ook bevattelijker voor infecties door virussen, bacteriën of schimmels. Neem altijd contact op met uw arts bij infecties als verkoudheid, keelontsteking, griep, steenpuisten en andere huidinfecties. Soms is het nodig de dosering te verlagen of de volgende toediening uit te stellen. Soms zijn er medicijnen mogelijk om de aanmaak van bloedcellen te stimuleren. De arts zal uw bloed daarom tijdens de behandeling regelmatig laten controleren. Het bloed herstelt zich weer als u stopt met de behandeling.
    • Vasthouden van vocht, onder andere in de buik en de longen. Hierdoor kunt u last krijgen van benauwdheid, opgezwollen enkels of zwellingen rond de ogen (bijvoorbeeld wallen). Ook kan uw gewicht toenemen. Bel uw arts als u merkt dat u binnen enkele dagen meerdere kilo's bent aangekomen of als u het benauwd krijgt door ophoping van vocht in de longen.

    Zeer zelden

    • Pijnlijke droge mond, tong of keel. Deze bijwerkingen ontstaan door ontsteking van de slijmvliezen van mond, keel en slokdarm. U kunt dit zien aan een vuurrode kleur van de slijmvliezen. Eten en drinken kunnen hierdoor pijnlijk zijn. In veel gevallen helpt het om op ijsblokjes te zuigen, tijdens en direct na de chemotherapie. Tijdens de behandeling kunnen ingrepen aan uw gebit of in uw mond de klachten verergeren. Daarom is het verstandig vóór u aan de behandeling begint, uw tandarts uw gebit te laten controleren en eventueel behandelen. Verzorg uw gebit extra goed door een aantal maal per dag te poetsen met een zachte tandenborstel. Ook kunt u spoelen met een desinfecterende mondspoeling.
    • Oogklachten, zoals droge ogen, wazig zicht en ontstoken ogen.
    • Hartklachten. Waarschuw uw arts bij ernstige benauwdheid of pijn op de borst na inspanning.
    • Hartritmestoornissen. U merkt dit soms alleen aan plotselinge duizelingen of als u even wegraakt. Vooral mensen met de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze hartritmestoornis heeft.

    Neem contact op met uw verpleegkundige of arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen. Soms is het nodig om de dosering aan te passen zodat de bijwerkingen verminderen. Soms ook zal de arts een ander medicijn voorschrijven tegen de bijwerkingen.

    Bespreek ook met uw arts of verpleegkundige als u zich zorgen maakt over bijwerkingen. Ervaart u andere bijwerkingen dan die hierboven staan? Meld dat dan aan uw apotheek, arts of verpleegkundige.

  • Gebruik

    Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek .

    Hoe?

    • Neem de capsule heel in met een half glas water.
    • Maak de capsules niet open.

    Wanneer?
    Neem dit medicijn in op een lege maag. Dit is nodig, omdat de opname van de werkzame stof erg varieert met voedsel in de maag. Als u de omstandigheden elke dag hetzelfde houdt, zal het medicijn gelijkmatiger werken en is de dosering nauwkeuriger te bepalen.

    U weet dat u een lege maag heeft als u langer dan twee uur geleden heeft gegeten. Eet na inname gedurende een uur niet. Het beste kunt u vaste tijdstippen kiezen om het medicijn in te nemen, dan vergeet u minder snel een dosis.

    • Als u het één keer per dag gebruikt: bij voorkeur ’s ochtends, bijvoorbeeld een uur voor het ontbijt.
    • Als u het twee keer per dag gebruikt: ’s ochtends en ’s avonds met een tussenpoos tussen de elf en dertien uur.

    Hoelang?
    Uw arts bepaalt voor iedere individuele patiënt afzonderlijk hoelang de behandeling voortduurt. Gebruikelijk is een behandeling van meerdere maanden tot jaren.

  • Vergeten

    Het is belangrijk dat u nilotinib consequent blijft slikken. Mocht u toch een dosis zijn vergeten, en:

    • u komt hier binnen 4 uur na het gebruikelijke innametijdstip achter: neem dan alsnog zo snel mogelijk alsnog de dosis;
    • u komt hier meer dan 4 uur na het gebruikelijke innametijdstip achter: neem dan zo spoedig mogelijk contact op met uw arts. Neem geen dubbele dosis.
  • Verboden

    autorijden?
    Heeft u last van vermoeidheid, duizeligheid of slaperigheid? Dan kan dit uw rijvaardigheid beïnvloeden. Rijd geen auto als u hier last van heeft.

    alcohol drinken?
    Alcohol irriteert de slijmvliezen van het maagdarmkanaal. Het vergroot daardoor de kans op bijwerkingen op de maag en darmen. Gebruik daarom liever geen alcohol tijdens de behandeling of zolang u last heeft van uw maag en darmen.

    alles eten?
    Wanneer u grapefruitsap drinkt of grapefruit eet tijdens het gebruik van nilotinib, heeft u extra kans op bijwerkingen. Vooral als u veel grapefruitsap drinkt of grapefruits eet.

    De kans op bijwerkingen is klein:

    • als u maximaal 1 glas grapefruitsap per keer drinkt of 2 grapefruits per keer eet;
    • als u maximaal 2 keer per week grapefruitsap drinkt of grapefruits eet;
      en
    • als u grapefruitsap drinkt of grapefruits eet met een tussenpoos van 3 dagen of langer.

    Als u veel last krijgt van bijwerkingen, moet u contact opnemen met uw arts of apotheker.Voor meer informatie kunt u hier de folder downloaden.

    U mag verder alles eten wat uw maag verdraagt. Bepaalde soorten voedsel zijn echter af te raden als u last heeft van uw maag.

    Op deze site kunt u onder ‘Klachten & ziektes’, ‘Maagklachten’ adviezen vinden voor mensen met maagklachten.

  • Wisselwerking

    Dit middel heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

    Nilotinib kan de werking verminderen van vaccins. Meld altijd aan de arts dat u nilotinib gebruikt. Nilotinib kan de werkzaamheid van sommige soorten vaccins verminderen en de kans op bijwerkingen door de vaccins vergroten. Overleg met uw apotheker of arts als u moet worden gevaccineerd.

    Sommige medicijnen kunnen de werking van nilotinib verminderen.

    • De middelen tegen epilepsie carbamazepine, fenytoïne, primidon en fenobarbital. Sommige van deze medicijnen worden ook gebruikt bij zenuwpijn en manische depressiviteit. Overleg met uw apotheker of arts als u een van deze medicijnen gebruikt of gaat gebruiken.
    • Sint-janskruid (hypericum) een plantaardig vrij verkrijgbaar middel, gebruikt bij depressieve gevoelens en slapeloosheid. Overleg voor gebruik met uw apotheker of arts.
    • Rifabutine en rifampicine, medicijnen gebruikt tegen tuberculose. Overleg voor gebruik met uw apotheker of arts.

    Sommige medicijnen kunnen de bijwerkingen van nilotinib versterken. Overleg hierover met uw arts.

    • Itraconazol, ketoconazol en voriconazol, antischimmelmiddelen om in te nemen.
    • Claritromycine en erytromycine, antibiotica.
    • Lopinavir en ritonavir, medicijnen tegen hiv. Uw arts zal u extra controleren en verlaagt mogelijk de dosering van nilotinib.

    Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

    Het is belangrijk dat uw arts weet welke medicijnen u nog meer gebruikt. Neem daarom uw medicatieoverzicht mee als u naar het ziekenhuis gaat. Dit is een overzicht waarop staat welke medicijnen u gebruikt, maar ook of u bijvoorbeeld allergisch bent voor bepaalde medicijnen. U kunt dit overzicht bij uw eigen apotheek opvragen. Krijgt u in het ziekenhuis nieuwe medicijnen, of verandert er iets aan uw medicijngebruik? Geef dit dan ook weer door aan uw eigen apotheek. Dan blijft uw medicatieoverzicht actueel.

  • Zwangerschap

    Zwangerschap
    U mag dit middel NIET gebruiken als u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Er is een grote kans dat het aangeboren afwijkingen bij het kind veroorzaakt. Gebruikt daarom een goede anticonceptie tijdens de behandeling.

    Borstvoeding
    Geef GEEN borstvoeding als u dit middel moet gebruiken. Het is niet bekend of dit medicijn in de moedermelk terechtkomt. Als dat zo is, zal het bijwerkingen bij het kind veroorzaken.

  • Stoppen

    Een behandeling tegen kanker is zwaar en kan moeilijk vol te houden zijn, ook al helpt het u de ziekte te verslaan. Wordt de behandeling u te zwaar, bespreek dat dan met uw arts of verpleegkundige. Samen kunt u de bijwerkingen bespreken en kijken of er alternatieven zijn.

  • Handelsinformatie

    Nilotinib is sinds 2008 internationaal op de markt. Het is verkrijgbaar in capsules onder de merknaam Tasigna.

Laatst gewijzigd op: 03 september 2013

Herhaalrecept

Gebruikt u Tasigna? Via deze website kunt u een herhaalrecept aanvragen

Meld bijwerkingen

Een paar minuten van uw tijd kan een leven redden.

Omdat niet alle bijwerkingen bekend zijn op het moment dat een geneesmiddel of een vaccin op de markt wordt gebracht, zijn meldingen uit de praktijk onmisbaar voor een veilig geneesmiddelgebruik.

Lareb verzamelt alle bijwerkingen van geneesmiddelen en vaccins in Nederland. Daardoor valt het snel op als een bijwerking vaak voorkomt. Dit systeem werkt alleen als er zoveel mogelijk bijwerkingen gemeld worden door zorgverleners, apothekers en patiënten.

Uw melding is dus belangrijk om geneesmiddelen nog veiliger te maken!

Meld bijwerkingen